Nieuws > Varkensorganen

Varken mag organen nog even houden  

Alle mensen die de afgelopen tien jaar levende varkenscellen kregen toegediend, zijn verschoond gebleven van enge virussen. Daaruit mag volgens critici nog niet worde opgemaakt dat de weg vrij is voor de transplantatie van varkensorganen naar de mens.  

 

Is xenotransplantatie, het overzetten van dierenorganen in de mens, een zegen voor de mensheid of een onvoorspelbare tijdbom? Varkens kunnen een onuitputtelijke bron vormen van transplantatieorganen, omdat ze qua fysiologie en grootte veel op ons lijken. Maar wie weet hoe de transplantatie van varkensorganen in mensenlijven uiteindelijk zal uitpakken, mag het zeggen.

Sommigen vrezen dat met de nieren, harten, levers en alvleesklieren van varkens even zoveel Trojaanse paarden geÔmplanteerd. Die kunnen de mensheid opzadelen met onbekende en gevaarlijke ziekten, die hun oorsprong hebben in varkenscellen. Zoals aids komt uit apen en de gekke-koeienziekte uit schapen.

Infecties met microben en parasieten die varkens eigen zijn, kunnen wellicht worden vermeden door de donordieren onder steriele omstandigheden te fokken. Maar er liggen persistentere gevaren op de loer. Want sommige virussen nestelen zich in het erfelijk materiaal van de varkens. De varkens, geven deze endogene retrovirussen door aan volgende generaties. Af en toe worden de virussen actief en vormen ze infectieuze deeltjes die uit de cel naar buiten komen.

De virussen zijn maar moeilijk te herkennen als ze in het erfelijk materiaal verstopt zitten. Sommige zitten er al millennia lang en het is onduidelijk of ze er ooit uit zullen komen. Onbekend is ook hoeveel soorten van deze endogene virussen het varkens DNA bevat en wat er gebeurt als varkenscellen en menselijke cellen langdurig en intensief contact met elkaar hebben zoals bij een xenotransplantatie het geval is.

Vorige maand publiceerde het tijdschrift Science een onderzoek naar de mogelijke overdracht van endogene varkensvirussen bij mensen die het afgelopen decennium ooit waren blootgesteld aan levende varkenscellen. De patiŽnten waren niet getransplanteerd met volledige organen, maar hadden wel een tijdelijke experimentele behandeling met varkensweefsel gekregen. Ze waren bijvoorbeeld ooit bedekt met varkenshuid, teneinde hun zware brandwonden te behandelen. Of hun bloed werd, om uiteenlopende redenen gespoeld door het te leiden door milt, lever of nieren van dode varkens, of langs potten met geÔsoleerde varkenslevercellen. Ook kregen diabetespatiŽnten in het verleden wel pancreascellen van varkens ingespoten om hun insulineproductie te stimuleren.

In totaal wisten de onderzoekers 160 patiŽnten te achterhalen die, van een kwartier tot vijftien maanden lang aan xenotherapie waren blootgesteld. Bij geen van hen kon worden aangetoond dat varkensvirussen hun cellen waren binnengedrongen, ook al was een deel van de patiŽnten behandeld met medicijnen die de natuurlijke afweer onderdrukken. Wel waren in het lichaam van sommige patiŽnten - tot zelfs acht jaar na hun blootstelling - nog steeds levende varkenscellen te vinden.

De farmaceutische multinational Novartis, die zich toelegt op experimenten met xenotransplantatie, stuurde enthousiaste persberichten en overdrukjes van het Science-artikel de wereld in. De belangrijkste auteur daarvan werkte overigens voor Novartis. 'Het is een leuke doorbraak', erkent dr. Richard Marquet, experimenteel microchirurg aan het Dijkzigtziekenhuis in Rotterdam.

'Er zijn al veel mensen min of meer getransplanteerd met varkenscellen en de uitkomsten van dit onderzoek bevestigen aardig de vermoedens dat we ons waarschijnlijk zorgen maken om weinig.'

'Een herhaling van dit onderzoek kan betekenen dat er wat gemakkelijker toestemming komt voor voorzichtige experimenten in de kliniek. Dat gaat toch gebeuren, daar kun je vergif op innemen. Allereerst met varkensnieren', voorspelt Marquet.

Zelf experimenteert Marquet met xenotransplantatie bij knaagdieren. Op andere plaatsen in de wereld onderzoeken chirurgen de transplantatie van varkensorganen in bavianen, en Novartis bouwt een groot primatencentrum in Basel ten behoeve van grootschalige experimenten met transplantaties van varkens naar apen.

'Ik ben enthousiast over het uitblijven van infecties van menselijke cellen, maar de onderzochte situatie is totaal anders dan die bij een xenotransplantatie. Er was geen sprake van een langdurige blootstelling en onderdrukking van de afweer. En er was evenmin sprake van het gebruik van transgene varkenscellen die zijn aangepast aan het menselijk afweersysteem, zoals bij xenotransplantatie het geval zal zijn,' zegt prof. dr. Ab Osterhaus, hoogleraar virologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam over de Science-publicatie.

Door genetische manipulatie van de varkens gaat hun celwand aan de buitenkant lijken op die van mensen. Dat leidt het menselijk immuunsysteem om de tuin en remt de afstoting. Maar het immuunsysteem zal dan ook niet meer de virusdeeltjes die uit de varkenscellen te voorschijn komen, als vreemd herkennen en te lijf gaan. De virusdeeltjes verpakken zichzelf namelijk in stukjes membraan van de cellen waarin ze ontstaan. Het virus kan daarmee tot een wolf in schaapskleren worden.

Experimenten in reageerbuizen en levende dieren tonen diverse virussen die de natuurlijke barriŤre tussen soorten kunnen doorbreken. Of dit in de praktijk ook tussen varken en mens zal gebeuren, is alleen te achterhalen door grootschalige experimenten.

Die experimenten zijn al eeuwen gaande, meent dr. Huub Schellekens, microbioloog en directeur van het Gemeenschappelijk Dierenlaboratorium van de Universiteit Utrecht. 'We eten immers al tweeduizend jaar lang varkens. Ik heb die overdracht van virussen altijd een non issue gevonden. Als er overdracht zou zijn, zou dat allang gebeurd moeten zijn'.

Schellekens erkent dat bij iemand een hart inzetten en zijn immuunsysteem onderdrukken, haast een recept is voor de overdracht van virussen. 'Maar bij het eten van vlees is de kans op overdracht van virussen weliswaar, ongelooflijk veel kleiner, maar door de wet van de grote getallen zou dit - als het gekund had - toch allang hebben moeten geschieden. De beste manier om het te onderzoeken, is het te doen. Ik vind xenotransplantatie een van de mooiste toepassingen van genetische manipulatie.'

Dr. Frans Claas, hoogleraar transplantatie-immunologie aan de Universiteit Leiden, vindt die redenering veel te kort door de bocht. Langdurig contact en langdurige immunosuppressie zijn toch iets anders dan contact via het maagdarmkanaal waar veel beschermingsmechanismen natuurlijke barriŤres vormen, meent hij. 'Het is wellicht een kwestie van jaren voor zo'n retrovirus los komt. Maar het hoeft maar bij ťťn patiŽnt te gebeuren', waarschuwt Claas.

'Honderd procent garantie dat er niets aan de hand is, zal nooit worden verkregen', zegt Claas. Het onderzoek uit Science is volgens hem volstrekt onvoldoende als bewijs dat er weinig te vrezen valt. 'Ik zou toch erg voorzichtig blijven en eerst een flink aantal modelstudies met varkens en primaten uitvoeren.'

Chirurg dr. Jan IJzermans, die zich bij het Dijkzigtziekenhuis bezighoudt met afstotingsreacties bij transplantatie, vreest dat het Science-artikel een klassieke fout bevat: 160 patiŽnten is een te kleine steekproef. 'De kans op virologische problemen is namelijk niet zo groot', meent hij. Om diezelfde reden vindt men bij het testen van geneesmiddelen haast nooit mensen met een zeldzame allergie voor het medicijn. 'Bovendien hebben de onderzoekers hier gekeken naar de overdracht van bekende virussen. Belangrijker zijn de virussen die we niet kennen.'

Volgens Osterhaus is er bij varkens al een aantal nieuwe virussen ontdekt. 'Als die alleen gevaarlijk zijn voor de patiŽnt zelf, is dat niet zo erg, maar het doemscenario is natuurlijk het aids- virus. Dat is ook ooit begonnen met de infectie van ťťn mens. Nu zijn het er veertig miljoen.'

 

Bron: Maarten Evenblij, in: De Volkskrant, 8 september 1999.

Renť Westra

 

Last update: 18/10/2003