Nederlandse wetgeving > Varkensbesluit >
     Begripsbepalingen

Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:

a. wet: Gezondheids- en welzijnswet voor dieren; ;
b. varken: varken dat kennelijk wordt gehouden voor de fokkerij of voor de mesterij;
c. beer: geslachtsrijp varken van het mannelijk geslacht dat kennelijk bestemd is voor de fokkerij;
d. volwassen beer: beer van 18 maanden of ouder;
e. gelt: geslachtsrijp varken van het vrouwelijk geslacht, kennelijk bestemd voor de fokkerij, dat nog niet heeft geworpen;
f. gebruiksvarken: varken met een leeftijd van ten minste tien weken tot aan het moment waarop het wordt geslacht dan wel een beer of gelt is geworden;
g. big: varken vanaf zijn geboorte tot aan het spenen;
h. spenen: blijvend onttrekken van biggen aan een zogende zeug;
i. zeug: varken van het vrouwelijk geslacht, kennelijk bestemd voor de fokkerij, na de worp van haar eerste biggen;
j. zogende zeug: zeug tot aan het spenen van de biggen;
k. gespeend varken: gespeend varken met een leeftijd tot 10 weken;
l. stal: ruimte bestemd voor het houden van één of meer varkens;
m. richtlijn 91/630/EEG: richtlijn nr. 91/630/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 19 november 1991 tot vaststelling van minimumnormen ter bescherming van varkens (Pb EG L 340);
n. bijlage: bijlage bij richtlijn 91/630/EEG;
o. derde land: land waarop het Verdrag betreffende de Europese Unie niet van toepassing is.

Last update: 01/11/2006